“We hebben nu ook familie in België”

12-11-2018
Martine Croonen

Onze gastfamilie is alweer vroeg uit de veren. Uitslapen is er ook voor ons niet bij, want om klokslag zeven worden we uit bed gezet met een hartelijk ‘komen jullie eten?’ Vandaag zorgt mama Leti (Laeticia Gonzalez) voor het ontbijt. Dezelfde ingrediënten komen terug: geklutste eieren met ui, gebakken bananen en bruine bonenpuree. Om onze darmen niet te overbelasten, laten we die laatste vandaag voor wat ze zijn. We voelen er ons niet schuldig om, want de honden zijn voor hun maal overgeleverd aan onze tafelrestjes.

Een kort gesprek met onze gastfamilie, vertaald door buurman Jan, leert ons dat het leven voor deze familie hier in het Salvadoriaanse El Congo goed, maar niet zachtaardig is. Grootmoeder Leti (49) gaat dagelijks uit werken om haar dochter Iris (31) en haar kleinkinderen Naomie (6) en Andres (5) te onderhouden. De kinderen groeien op zonder vader of grootvader, wat de belasting voor beide vrouwen behoorlijk groot maakt.

“Toch dank ik God omdat Hij me de kracht geeft er te zijn voor mijn gezin”, zegt mama Leti, die net terug is van een opleiding in buurland Honduras over bevruchting en het gebruik van organische insecticiden op de koffieplantage. Leti’s moeder was een van de stichtende leden van de coöperatie Los Pinos, en Leti wil die functie zo goed als mogelijk overnemen. In het huisje van haar moeder voelt ze zich veilig; “Ze heeft hier zo voor gewerkt”, klinkt het, “dus zal ik het ook nooit verlaten.”

We wisselen nog enkele geschenken uit. Mama Leti bracht voor Melanie en mezelf souveniers mee. Ze stopt me zelfs een bankbiljet van Honduras toe. Ik neem het uiteindelijk aan met veel schroom, want hoeveel beter kunnen zij dit geld gebruiken.

Het afscheid van onze gastgezinnen nadert en we trekken naar het centrum van de coöperatie. De kinderen zijn verrukt, want vandaag mogen eindelijk de pinata’s stukgeklopt worden. Het snoep vliegt alle richtingen uit en zelfs de ouderen grabbelen er op los. Na enkele dankwoorden heen en weer genieten we van een heerlijk stukje biscuit met verse koffie. Het is nu echt tijd om de gastfamilies vaarwel te zeggen. Andres omhelst me alsof hij me al jaren kent, Naomie pinkt heel wat traantjes weg. We worden er zelf ook weemoedig van, al is dat veelal uit dankbaarheid en respect voor deze mensen. Ze deelden zo veel van het zo weinige dat ze hebben. “Nu hebben we ook familie in België”, zegt een gastgezin.

Om te bekomen van onze emoties trekken we naar het meer van Caotepeque, waarop Los Pinos een fenomenaal uitzicht biedt. Omgeven door bossen en vulkanen strekt dit meer zich uit in de diepte. “Eenmaal per jaar, in augustus, kleurt het water van azuurblauw naar turquoise”, laten we ons vertellen. Aangekomen worden we verrast met een lekkere maaltijd, waarop we ons neervlijen aan de waterkant terwijl de dappersten een duik nemen.

Al snel wordt het donker. De dagen beginnen hier vroeg maar vallen sneller dan verwacht. Om de terugreis aan te vatten, verdelen we ons opnieuw over busje en pickup. De weg is immers hobbelig en de hellingen stijl.

Los Pinos verwelkomt ons met, hoe kan het ook anders, een kopje koffie terwijl Kevin Marroquin de werking van de coöperatieve toelicht. Als verantwoordelijke voor de financiële werking waakt hij als een goede huisvader over de evolutie, de produktie en de winsten van Los Pinos. “Dankzij de steun van CLAC en Trias kunnen we heel wat jonge mensen en vrouwen inzetten. Bovendien geeft het Fair Trade certificaat ons de mogelijkheid een eerlijke prijs te ontvangen voor onze produktie, zodat we ook onze leden een degelijk loon kunnen uitbetalen en de nodige sociale voorzieningen kunnen treffen voor deze gemeenschap”, zegt de jonge ondernemer. De vice-president van de coöperatieve blijkt een jonge vrouw te zijn. “Jongeren die bereid zijn te werken en ervaring willen opdoen, vinden hier hun plek”, weet Kevin.

Wanneer de bessen die we gisteren plukten, tot koffie worden gemalen en in de winkelrekken liggen, willen we nog weten. “De bessen drogen nu en gaan vervolgens in zakken. Ze wachten het voorjaar af, tot een afnemer een lading bestelt. Een deel van de bessen wordt hier ter plaatse gebrand en gemalen, al gebeurt dit uitsluitend op vraag van de koper”, licht Kevin toe. Als we vernemen dat 90 procent van de koffie die wordt uitgevoerd, in België terechtkomt, zijn we tezelfdertijd verrast doch trots. “Koffie blijft onze core business”, besluit kevin Marroquin, “maar we willen ook groeien in andere sectoren zoals toerisme. Ons restaurant en uitkijkpost zijn de ideale trekpleisters voor de avontuurlijke reiziger.”