'Microfinanciering is een deel van de puzzel voor Guinee'

30-11-2015

In Guinee is de laatste ebola-patiënt genezen verklaard. Nu de epidemie achter de rug lijkt, kan het land zich toeleggen op de economische heropbouw. Eén van de hefbomen is microkrediet voor familiale boeren en kleine ondernemers. Nog niet zo lang geleden moesten de mensen in Guinee hun geld ergens in huis verstoppen. Bij diefstal of brand waren ze alles kwijt. Daar is verandering in gekomen sinds diverse spelers zoals Trias in de jaren negentig een impuls gegeven hebben aan de oprichting van microkredietbanken.

Krediet voor dorpen

'Trias zorgt er in Guinee voor dat ook ondernemende mensen in afgelegen dorpen toegang hebben tot microfinanciering. De gemiddelde intrestvoet van de zes instellingen die we ondersteunen, bedraagt drie procent. Naar Guineese normen is dat zeer competitief', zegt Bronckaers, die van opleiding handelsingenieur is en daarna verder studeerde in Londen, Hong Kong en Shanghai. De kracht van die microkredietbanken is hun coöperatieve structuur. Aan het hoofd staan boeren en ondernemers: dat is het fundament voor hun sociaal beleid. Het is dus niet zo dat Trias hen er voortdurend van moet overtuigen dat ze in het belang van hun klanten moeten handelen, zo verwoordt Bronckaers het. 

Financiële autonomie

Einddoel is de financiële autonomie van de microkredietbanken. 'Er is nog werk aan de winkel, maar we hanteren dezelfde strategie als IFAD, een VN-agentschap dat mooie successen geboekt heeft. Sommige banken draaien vandaag nog vierkant, maar we volgen hun ontwikkeling op de voet en zijn hoopvol voor de toekomst.' Volgens Bronckaers staat er veel op het spel. 'Microfinanciering is geen voldoende maar wel een noodzakelijke voorwaarde voor economische ontwikkeling: zonder leningen kunnen mensen hun projecten niet rendabel maken', benadrukt de Trias-adviseur.